Landelijke feed | Alle blogs | politie.nl http://rss.politie.nl/rss/algemeen/blogs/blogs.xml Alle meest recente blogs nl Mon, 18 Dec 2017 04:13:44 GMT 2017-12-18T04:13:44Z nl Blog: Examenstof https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-examenstof.html ‘Omstanders beginnen zich er nu ook mee te bemoeien. De verdachte automobilist zou door rood hebben gereden terwijl de ambulance met zwaailicht en... blog Thu, 14 Dec 2017 13:30:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-examenstof.html 2017-12-14T13:30:00Z ‘Omstanders beginnen zich er nu ook mee te bemoeien. De verdachte automobilist zou door rood hebben gereden terwijl de ambulance met zwaailicht en sirene aankwam. Dit zorgt voor onrust bij de omstanders.’ Bram Conjaerts vertelt hoe hij als student-politiemedewerker terugkwam van een examen en meteen aan de slag kon bij een ongeval.

]]>
‘We waren met zijn vijven na een herexamen onderweg vanuit Den-Haag, terug naar Brabant. De terugreis was gezellig en omdat we allemaal waren geslaagd zat de sfeer er goed in. Toen we bijna bij het politiebureau waren, zag ik een opstopping bij het knooppunt Paalgraven. Ik meende een ambulance te zien en we wilden er naartoe om te zien of we hulp konden verlenen. Ik hoorde mijn collega zeggen dat het leek alsof de ambulance op zijn kant lag. Verrek, toen we dichterbij kwamen zag ik dat de ambulance inderdaad op zijn kant lag en een ongeval had gehad. Via de portofoon had ik nog niets gehoord, dus het ongeval moest net gebeurd zijn.

Op het moment dat we bij het ongeval aankomen, glijdt alle examenstress van ons af. Iedereen weet direct wat er moet gebeuren en begint onmiddellijk te handelen. Ik geef via de portofoon aan de meldkamer door wat ik zie: een ambulance op zijn kant en een chaos op de kruising. Stilstaande auto’s, mensen die druk op en neer rennen en de omgevallen ambulance voor de oprit naar de A50. Tegelijkertijd zie ik dat twee collega’s zorgen voor een veilige werkplek. Ze zetten ons dienstvoertuig in een goede en veilige positie, zetten de plaats van het ongeval af met pionnen en beginnen het verkeer te regelen. Een andere collega ontfermt zich over de verdachte automobilist terwijl ik naar de ambulancemedewerkers loop. Terwijl ik ze toe loop hoor ik twee omstanders zeggen: “Ze zijn er wel heel snel hè? Ik heb de meldkamer nog aan de lijn en de locatie van het ongeval niet eens duidelijk kunnen doorgeven.”

De ambulancemedewerkers zijn gewoon doorgegaan met hun werk en lijken niet eens te beseffen wat er zojuist is gebeurd. Ik merk dat de ambulancechauffeur zich vooral zorgen maakt om zijn collega en de patiënten die hij vervoert: een moeder die met haar baby met ademhalingsproblemen op weg is naar het ziekenhuis. Zelf lijkt hij niet gewond te zijn, al kan hij dit door de adrenaline mogelijk nog niet voelen. Via de portofoon vraag ik direct om nog twee ambulances. Omstanders beginnen zich er nu ook mee te bemoeien. De verdachte automobilist reed mogelijk door rood terwijl de ambulance met zwaailicht en sirene aankwam. Dit zorgt voor onrust bij de omstanders. Ze vinden dat we de automobilist direct moeten aanhouden en laten dit ook duidelijk aan ons blijken. Terwijl een van mijn collega’s ze tot rust maant, zoals we dat ook deden bij ons herexamen “openbare orde” eerder die dag, hoor ik in de verte dat we versterking krijgen en andere ambulances onderweg zijn.’

Nadat de moeder en haar baby in een andere ambulance zijn overgeplaatst en alsnog naar het ziekenhuis rijden, lijkt iedereen opeens te beseffen wat er is gebeurd en nemen de emoties toe. Ook de ambulancemedewerkers zijn aangeslagen, merk ik. Een van de medewerkers barst in tranen uit, een collega legt een arm om haar schouder en troost haar. De ambulancechauffeur heeft het ook even zwaar zie ik. Hij vertelt me dat dit is de eerste keer is in al die jaren dat hij zoiets meemaakt. Ik stel hem gerust en neem zijn verklaring op. Het is een wonder dat niemand gewond is geraakt. Nadat we het ongeval administratief hebben afgehandeld en de specialisten van de Verkeersongevallen Analyse hun onderzoek hebben afgerond gaan wij terug naar het bureau in Uden. Daar bespreken we het incident met onze coaches, die alles via de portofoon hebben meegekregen. 
Na onderzoek bleek dat de man niet door het rode verkeerslicht was gereden, maar de ambulance niet had opgemerkt en daardoor geen voorrang had verleend. Hij heeft uiteindelijk een proces-verbaal gekregen. Met de moeder en haar baby is gelukkig alles goed gekomen.

Voor ons was het uiteindelijk een geslaagde dag. Bijzonder om te ervaren dat je jezelf druk maakt om een examen, maar dat je gewoon gaat handelen als het écht spannend wordt!’ 

]]>
Bram Conjaerts begon in 2011 bij de politie. Hij is werkzaam als hoofdagent in Uden binnen de Eenheid Oost-Brabant. Eind 2016 is hij gestart met de doorstroom opleiding HBO-Bachelor of Policing. Bram: ‘Het politiewerk is heel divers en er is nog veel onbekend over ons werk. Daarom ben ik ook al een tijdje actief op sociale media. Via deze blogs wil ik de mensen laten meekijken met het politiewerk en er direct een persoonlijke tint aan geven.’

]]>
Bram Conjaerts
Blog: Het slechte nieuws https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-het-slechte-nieuws.html ‘De kinderen zijn buiten aan het spelen. Ik vertel ze dat het niet goed gaat met hun papa en dat we ze naar het ziekenhuis brengen’. Monique Bloo is... blog Thu, 02 Nov 2017 13:00:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-het-slechte-nieuws.html 2017-11-02T13:00:00Z ‘De kinderen zijn buiten aan het spelen. Ik vertel ze dat het niet goed gaat met hun papa en dat we ze naar het ziekenhuis brengen’. Monique Bloo is allround politiemedewerker in Oost-Nederland en was betrokken bij een familiedrama waarbij ze de gezinsleden het slechte nieuws moest brengen.

 

]]>
‘Donderdag 25 juni, begin van de dienst, tijd voor koffie en het bespreken van lopende zaken. Rond 15:00 uur oproep door de meldkamer: ernstig ongeval in Hengelo. Een aanrijding tussen een bestelbus en een motor waarbij de motorrijder zwaargewond is geraakt en in levensgevaar verkeert. Het gaat om een jonge man, vader van een gezin. Ik moet de familie slecht nieuws gaan brengen.
Met gemengde gevoelens ga ik samen met een collega naar de woning. De vrouw van de man doet open en wij komen direct ter zake. We zeggen dat haar man een zwaar motorongeluk heeft gehad. Of ze met ons mee wil gaan naar het ziekenhuis. In de woning zijn op dat moment nog een dochter aanwezig en de kapster, een vriendin van de familie.

]]>
De dochter valt haar moeder huilend in de armen, wetende dat het niet goed gaat met papa. De kapster blijft samen met de dochter thuis om daar haar broertje en zusje op te wachten die nog op school zijn. De vrouw stapt bij ons in de auto, nog niet goed beseffend wat er precies gaande is met haar man en hoe ernstig het is. Ik probeer haar zo goed mogelijk bij te praten. Ook ik heb geen idee hoe de toestand van haar man is op dat moment. Zorgwekkend, dat weten we wel.
In het ziekenhuis gaan wij direct naar de spoedeisende hulp. Een trauma-arts vertelt ons dat haar man geopereerd moet worden, de kans van slagen is klein. De vrouw wordt naar een familiekamer gebracht en wij gaan weer terug naar de woning waar we worden opgewacht door twee collega’s. Die vertellen dat de ouders van de man zo snel mogelijk door de collega’s uit Deventer naar de woning worden gebracht.

]]>
Dan gaat mijn telefoon. Het gaat niet goed met de man en het gezin moet zo snel mogelijk naar het ziekenhuis komen. De kinderen zijn buiten aan het spelen. De jongen fietst doelloos rond op zijn crossfiets. Ik roep de kinderen bij me, met trillende stem vertel ik dat het niet goed gaat met hun papa en dat we ze naar het ziekenhuis brengen. De collega’s arriveren met de ouders van het slachtoffer.
We vertrekken met de dienstvoertuigen vanaf de woning richting het ziekenhuis in Enschede. Bij de afrit naar Rijssen staan collega’s van Twente ons op te wachten om het vervoer van ons over te nemen, met twee dienstauto’s en de blauwe zwaailampen aan. De gezinsleden stappen over in de andere voertuigen. Omwonenden en voorbijgangers hebben in de gaten hoe ernstig het is. De verkeerslichten springen op groen maar alle auto’s wachten tot de politieauto’s met het gezin zijn vertrokken.

]]>
Als mijn collega en ik weer in onze dienstauto zitten, valt er een stilte. Die avond overlijdt het slachtoffer in het bijzijn van zijn vrouw, kinderen en andere familieleden. Enige tijd later bezoeken we het gezin. We krijgen foto’s te zien van de rouwstoet met veel motoren. Het slachtoffer was een fervent motorrijder. Op de voorste motor rijdt de zoon van het slachtoffer mee, de helm van zijn vader draagt hij bij zich.’

]]>
Politiemensen delen sinds oktober 2013 hun dagelijkse belevenissen met u in blogs. Zij schrijven hun verhalen in eigen tijd. Sinds juni 2015 vertellen enkelen hun ervaringen ook in korte video’s. De blogs en video’s zijn te vinden op politie.nl, Twitter (@Politie) en Facebook (Politie Nederland). U kunt daar ook reageren op een verhaal. Lees en bekijk meer onder  Echte politieverhalen 

]]>
Monique Bloo werkt als hoofdagent en jeugdagent binnen het team IJsselland-Zuid in de Eenheid Oost-Nederland. Monique: ‘Werken in de basispolitiezorg geeft diversiteit binnen het politievak. Je komt in verschillende situaties terecht waarin je telkens weer anders moet handelen. Elke melding heeft een verhaal, dat verhaal geeft mijn werk iedere keer weer een nieuwe uitdaging. Ik schrijf en deel mijn ervaringen als politieagent, maar ook als mens om u hiermee een kijk te geven in mijn werk.’

 

]]>
Monique Bloo
Echte politieverhalen (blog): Is er een ongeluk gebeurd? https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-is-er-een-ongeluk-gebeurd.html Ieder keer wanneer ik zulke heftige gesprekken binnenkrijg, moet ik altijd denken aan de ouders en de familie van de jonge bestuurder die dit... blog Thu, 26 Oct 2017 12:00:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-is-er-een-ongeluk-gebeurd.html 2017-10-26T12:00:00Z Ieder keer wanneer ik zulke heftige gesprekken binnenkrijg, moet ik altijd denken aan de ouders en de familie van de jonge bestuurder die dit vreselijke nieuws te horen krijgen.’ Jacqueline van Rijt is een van de medewerkers achter het telefoonnummer 0900-8844. 

]]>
Ik krijg een jongeman aan de telefoon. Hij heeft het Politie Servicecentrum gebeld. ‘Is er misschien ergens een ongeluk gebeurd?’ Op mijn vraag waarom hij dat wil weten, vertelt hij me dat hij met een vriendengroep is wezen stappen. Ze reden in twee auto’s naar huis. Hij zat in de eerste auto en is al even thuis, maar zijn vriend, die in de tweede auto reed, is er nog steeds niet. ‘En weet u mevrouw, hij wil nog wel eens flink hard rijden. Dus ik dacht, misschien weet u of er iets is gebeurd?’

Terwijl ik met de jongeman praat, krijg ik een melding binnen van een eenzijdig ongeval, waarbij de bestuurder is overleden. Hij is met zijn auto tegen een boom geklapt. Ik heb het vermoeden dat het gaat om de vriend van de jongeman aan de telefoon, maar ik weet het niet zeker. En al wist ik het zeker, dan mag ik deze informatie niet telefonisch doorgeven. 

Ik haal diep adem en vervolg het gesprek zo rustig mogelijk. Ik noteer de gegevens van de jongeman en vraag ook de gegevens van de auto van zijn vriend. Tevens probeer ik hem gerust te stellen: ‘Op dit moment is mij niets bekend’, zeg ik. ‘Als er iets met je vriend is gebeurd, stellen we uiteraard de familie als eerste op de hoogte.’

Ik verbreek de verbinding en neem even een moment voor mezelf. Daarna bel ik de collega’s die bij het ongeval aanwezig zijn. Het blijkt inderdaad om de vriend van de jongeman te gaan. Ieder keer wanneer ik zulke heftige gesprekken binnenkrijg, moet ik altijd denken aan de ouders en de familie van de jonge bestuurder die dit vreselijke nieuws te horen krijgen.

Enige dagen later krijg ik een vergelijkbaar gesprek…

‘Is er soms ergens iets gebeurd?’ Ik heb een jonge vrouw aan de telefoon, ze is bezorgd over haar vader. Hij is aan het joggen en had al lang thuis moeten zijn. Ik heb net op mijn computerscherm gezien dat er een man langs de weg is gevonden die vermoedelijk een hartstilstand heeft gehad.

Ik krijg een adrenalinestoot en realiseer me dat ik professioneel moet blijven. Ik kan haar niet door de telefoon vertellen wat er is gebeurd. Bovendien weet ik niet of de aangetroffen man al is geïdentificeerd. Ik noteer alle gegevens van de jonge vrouw en vraag of haar adres ook het adres van haar vader is. 

Daarna vervolg ik het gesprek alsof het om een ‘gewone’ vermissing gaat. Ik vraag haar zo veel mogelijk gegevens van haar vader: hoe hij eruit ziet, welke kleding hij draagt. ‘Waar gaat je vader meestal joggen?’, vraag ik haar tot slot. Ze geeft de route aan en ik zie tot mijn schrik dat de overleden man op deze route is aangetroffen.

Ik neem direct contact op met de collega’s die op locatie aanwezig zijn en vraag of de gevonden persoon de kleding draagt zoals zijn dochter heeft beschreven. Dit blijkt inderdaad het geval te zijn. 

De collega zegt me dat zij de gegevens van de jogger ook al achterhaald hebben en dat ze meteen naar de familie gaan. Weer een familie die slecht nieuws gaat krijgen…

Het ‘onwerkelijke’ van mijn werk is, dat je na zo’n heftig gesprek een minuut later weer een nieuw gesprek binnenkrijgt. Soms heel onbenullig, zoals: ‘Zijn de winkels open vandaag?’

]]>
Politiemensen delen sinds oktober 2013 hun dagelijkse belevenissen met u in blogs. Zij schrijven hun verhalen in eigen tijd. Sinds juni 2015 vertellen enkelen hun ervaringen ook in korte video’s. De blogs en video’s zijn te vinden op politie.nl, Twitter (@Politie) en Facebook (Politie Nederland). U kunt daar ook reageren op een verhaal. Lees en bekijk meer onder  Echte politieverhalen 

]]>
Jacqueline is buitengewoon opsporingsambtenaar (BOA) en werkt sinds 2001 bij het Servicecentrum (het nummer 0900-8844). Ze begon in Limburg-Noord toen het Servicecentrum werd opgestart en werkt nu in Servicecentrum Limburg. Voorheen is ze enige tijd Arbo-vertegenwoordiger geweest. Jacqueline: ‘Ik schrijf verhalen over de gesprekken die ik voer wanneer mensen het servicecentrum bellen. Zo geef ik een inkijkje in het werk op de afdeling waar het grootste deel van  meldingen voor de politie binnenkomen.’

 

]]>
Jacqueline van Rijt
Echte politieverhalen (blog): Met de dood voor ogen https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-met-de-dood-voor-ogen.html ‘Ik ben niet boos. Nee, ik ben woedend! Hoe haalt hij het in zijn hoofd om op ons te richten!’  Wijkagent Timon vertelt hoe hij plotseling in de loop... blog Thu, 19 Oct 2017 12:00:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-met-de-dood-voor-ogen.html 2017-10-19T12:00:00Z ‘Ik ben niet boos. Nee, ik ben woedend! Hoe haalt hij het in zijn hoofd om op ons te richten!’  Wijkagent Timon vertelt hoe hij plotseling in de loop van een vuurwapen kijkt. De man die het pistool op hem richt is een oud-collega. ‘Mijn collega en ik zoeken dekking achter de geopende portieren van onze dienstauto en trekken razend snel ons vuurwapen. Tijd om na te denken of te overleggen is er niet. Ik roep de man meerdere malen aan: “Laat je wapen vallen of ik schiet!” Met een lege blik in zijn ogen loopt hij langzaam mijn kant op, zijn pistool nog steeds op mij gericht. Ik schiet in de lucht, maar dat brengt hem niet tot zinnen. Terwijl het schot nog nagalmt in onze oren, loopt de man rustig door. Mijn collega waarschuwt nogmaals en vuurt dan twee schoten af op de man. De kogels missen; het schootveld van mijn collega is vanaf zijn kant niet optimaal. Dat van mij wel. Het flitst door me heen: ik moet de man neerschieten voordat hij ons neerknalt.’ 

]]>
‘Die dinsdagavond 17 juli begint als een rustige dienst. Ik draai samen met mijn collega surveillance met de dienstauto als de melding komt dat een man buiten zinnen is en een bedreiging voor zichzelf en zijn vrouw. Ik ken de situatie. De vrouw wil na een aantal jaar scheiden. De man heeft bij de politie gewerkt in een ondersteunende functie. Hij is er in zijn busje vandoor gegaan en we gaan naar hem op zoek. 
Even later zien we het busje op een parkeerplaats staan. Ik zet de auto stil en we lopen ernaar toe. Mijn collega spreekt de man door het geopend portierraam aan. Hij negeert ons, start de motor en scheurt weg. Ik zie in een flits nog dat er iets in zijn broekband steekt maar wat, kan ik niet goed onderscheiden. We rennen terug naar onze auto en rijden achter hem aan. Hij slaat een zijstraat in en verdwijnt uit het zicht. Als ik de straat inrijd zien we een bizar tafereel: het busje staat slordig geparkeerd in een parkeervak langs de weg. De man ernaast, een pistool op ons gericht. Ik trap met alle kracht bovenop de rem.’ 

]]>
‘Ik roep de man nogmaals aan en haal dan de trekker over, mijn vuurwapen op zijn benen gericht. Het schot klinkt, de kogel raakt de man net boven zijn knie en hij slaat tegen de grond. Bloed spat in het rond, zijn vuurwapen rolt over de straat, buiten zijn bereik. De man zelf geeft geen kik. Mijn collega en ik rennen naar hem toe en slaan hem in de handboeien. Hij verweert zich niet. 
Ik ben niet boos. Nee, ik ben woedend! Hoe haalt hij het in zijn hoofd om op ons te richten. Notabene een oud-collega. Toch begin ik geroutineerd met het verlenen van eerste hulp. Dat voelt dubbel. Maar ik doe wat gedaan moet worden. Meerdere collega’s arriveren, de man wordt onder bewaking met de ambulance afgevoerd. Ik bekijk het vuurwapen dat verderop ligt. Het lijkt op een politiepistool. De loop staat wat open en ik zie de patroonkamer. Daarin, scheef eruit stekend, een kogel. Heeft hij op ons geschoten? Mijn benen beginnen te trillen en met tranen in mijn ogen besef ik me dat vanavond mijn vrouw haar man en mijn dochter haar vader had kunnen verliezen.’ 

]]>
‘De man heeft nooit zijn excuses gemaakt of enige vorm van spijt getoond. Dat steekt nog steeds. Hij beweerde voor de rechter dat hij niet op ons geschoten had. De forensisch rechercheurs vertelden later dat een schot of het doorladen van het vuurwapen de enig logische verklaringen waren dat de kogel zich in de kamer bevond. Dat kan niet door een val gekomen zijn. Dat het vuurwapen vervolgens blokkeerde – de man had onderdelen van twee verschillende politiepistolen verduisterd en in elkaar geknutseld - is waarschijnlijk onze redding geweest. Ik heb zelf altijd het gevoel gehad dat hij erop uit was dat we hem doodschoten maar dat is nooit bewezen. Ik wilde hem juist niet doodschieten, daarom schoot ik heel bewust op zijn benen.’ 

]]>
Elke dag weer komen politieagenten in gevaarlijke situaties terecht. Zij doen een stap naar voren voor de veiligheid van anderen. Desnoods met gevaar voor eigen leven. Soms staan ze daarbij voor grote dilemma’s. En moeten ze in luttele seconden beslissen.

]]>
Timon is 35 jaar en werkt sinds 2001 bij de politie. De eerste jaren werkte hij in de surveillancedienst (noodhulp), vervolgens als wijkagent van twee verschillende wijken. Hij had diverse neventaken als studentencoach, spotter, motorrijder en teamlid voor grootschalige onderzoeken. ‘Ik werk met erg veel plezier bij de politie. Het contact met de mensen binnen en buiten de organisatie vind ik fantastisch. Wij kunnen als team het verschil maken. De afwisseling en het onverwachtse in het werk blijven me boeien.’ 

]]>
Politieverhaal in beeld: Bijlmerramp https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-politieverhaal-in-beeld-bijlmerramp.html 'Ik zie vlammen, brandende mensen. Mensen in paniek rondrennen, die hun kinderen kwijt zijn. Ik zie mensen naar beneden springen, kortom een... blog Wed, 04 Oct 2017 12:00:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-politieverhaal-in-beeld-bijlmerramp.html 2017-10-04T12:00:00Z 'Ik zie vlammen, brandende mensen. Mensen in paniek rondrennen, die hun kinderen kwijt zijn. Ik zie mensen naar beneden springen, kortom een ongelofelijk drama'. Cees Sjouwerman werkte 25 jaar geleden op de meldkamer van de Politie Amsterdam-Amstelland toen de  Bijlmerramp plaatsvond.

 

]]>
Cees Sjouwerman is sinds 1978 bij de politie werkzaam, de laatste 16 jaar als docent aan de Politieacademie. Hij maakt af en toe een ‘uitstapje’ naar de Eenheid Amsterdam waar hij nog steeds als hulpofficier van justitie (hovj) in de systemen staat. In deze eenheid heeft hij in verschillende functies en rangen gewerkt, zoals rechercheur, wijkagent en praktijkcoach. 

Na een figurantenrol in 'Baantjer in het theater' begon hij wat van zijn belevenissen te delen op sociale media onder vrienden. Cees: ‘Ik merkte dat veel mensen zich absoluut geen voorstelling konden maken van ons echte werk. Ik hoop dat de lezers van mijn verhalen meer de mens achter de diender gaan zien. Want ook een politieagent is een mens met emoties.’

]]>
Cees Sjouwerman