Landelijke feed | Alle blogs | politie.nl http://rss.politie.nl/rss/algemeen/blogs/blogs.xml Alle meest recente blogs nl Sat, 19 Aug 2017 20:41:44 GMT 2017-08-19T20:41:44Z nl Politieverhaal in beeld: Mortuarium https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-politieverhaal-in-beeld-mortuarium.html "Op dat moment realiseerde ik me dat ik mijn eerste moordzaak te pakken had." Cees Sjouwerman maakte als jonge rechercheur kennis met een kant van... blog Thu, 10 Aug 2017 12:10:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-politieverhaal-in-beeld-mortuarium.html 2017-08-10T12:10:00Z "Op dat moment realiseerde ik me dat ik mijn eerste moordzaak te pakken had." Cees Sjouwerman maakte als jonge rechercheur kennis met een kant van het politievak die hem de rillingen over de rug deden lopen. 

 

]]>
Cees Sjouwerman
Blog: Dodelijk verwarde vechtmachine https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-dodelijk-verwarde-vechtmachine.html ‘De man zakt op handen en voeten en maakt katachtige bewegingen. Ondertussen gromt hij luid. “Berg dat klappertjespistool maar op, in een gevecht met... blog Thu, 20 Jul 2017 15:00:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-dodelijk-verwarde-vechtmachine.html 2017-07-20T15:00:00Z ‘De man zakt op handen en voeten en maakt katachtige bewegingen. Ondertussen gromt hij luid. “Berg dat klappertjespistool maar op, in een gevecht met mij heb je daar helemaal niets aan,’’ zei hij.’ Brigadier Tim vertelt hoe hij tegenover een ernstig verwarde man komt te staan die dodelijk bedreven is in de vechtsport Krav Maga.

]]>
’4109, 4109, misschien kunt u even afzakken naar Poortugaal. Daar ligt mogelijk een verwarde man op de rijbaan. Het is een kale man, vrij klein, 1 meter 50, breed postuur en helemaal in het zwart gekleed, over.’ Het is 5 juni, tweede Pinksterdag, zes uur ’s avonds. Mijn collega Marc en ik rijden er ontspannen en laconiek heen. Het lijkt een simpele melding. Aangekomen zien we een grote gespierde man staan van bijna twee meter lang. Ik kijk verbaasd naar Marc. Is dit wel de juiste persoon? Maar de man staat daar zo verdwaasd en gedesoriënteerd. Het moet hem wel zijn.’

‘We knopen een gesprek aan. De man komt wat warrig over en noemt de naam van een psychiatrische inrichting. Marc gaat wat verderop staan om te bellen met de betreffende inrichting. Ik ben met de man alleen. Hij gaat in een yoga-houding zitten, zijn benen onder zich gevouwen, en legt zijn hoofd op het asfalt. Het is een houding die alleen zwaar geoefende vechtsporters kunnen aannemen. Ik doe een paar stappen achteruit, met een gevoel van naderend onheil. Marc komt terug en fluistert in mijn oor: “Hij is zojuist uit de gesloten inrichting weggelopen. Hij ging als een beest tekeer en ze hebben hem laten ontsnappen.” Hij loopt weer weg en probeert meer informatie over de man te verkrijgen. Ik start mijn bodycam. De man gaat weer staan en loopt opgefokt naar me toe. Hij wijst naar mijn vuurwapen. “Berg dat klappertjespistool maar op, in een gevecht met mij heb je daar helemaal niets aan,” zegt hij.’

De man zakt op handen en voeten en maakt katachtige bewegingen. Ondertussen gromt hij luid, met zijn tanden bloot. “Ik laat het zien. Moet ik hier echt in een panter veranderen, ik kan het.” Ik sta half achter de achterbumper van de politieauto. “Doe eens rustig jongen." Ik roep indringend: Marc, Marc!” Ik vraag de meldkamer om assistentie, pak uit de auto een lange wapenstok en steek die bij me. Als het tot een gevecht komt heb ik niets aan mijn korte wapenstok, ik heb ook het gevoel dat pepperspray niet gaat werken. Marc weet ondertussen meer: de man is enorm bedreven in vechtsport en te gevaarlijk om zomaar aan te raken. Op dat moment arriveert er een collega op de motor. Hij herkent de man. “Die kan echt heel goed vechten. We hebben er een vorige keer met tien man op moeten duiken.” Wat moeten we nu? Ik wil de man niet aanraken. Straks raakt iemand gewond. Straks pakt hij inderdaad een vuurwapen af. Ook gaat door me heen dat de man een patiënt is en geholpen moet worden.’ 

Ik vraag de meldkamer om een hondengeleider. Terwijl we wachten loopt de man weg. We zetten de weg af en rijden achter hem aan. De man trekt zijn shirt uit en zijn schoenen. Hij kan niemand wat aan doen, er is alleen een sloot en lege weg voor ons. Dat geeft me weer een gevoel van controle en veiligheid. De hondengeleider arriveert en maakt de afweging of hij de hond moet inzetten of de taser. Het wordt de laatste. Hij benadert de man ongemerkt in zijn rug terwijl wij hem aan de praat houden. De hondengeleider roept hem aan, de taser in zijn hand. De verwarde man draait zich verrast om maar geeft zich niet over. Met dreigende passen loopt hij op de hondengeleider af. Die schiet de taser tegen zijn bovenlichaam. Met schokkende bewegingen valt de man voorover op de grond en roept. “Ik werk mee jongens, ik luister naar jullie. Ik moest dit doen. Het was een test.” Andere inmiddels gearriveerde collega’s boeien de man en voeren hem af. Ik heb ineens heel erg met hem te doen. Hij heeft gewoon stemmen in zijn hoofd. Net was hij een panter. Nu is hij, misschien wel door de stroomstoot, zo mak als een lammetje.’

]]>
De politie startte in februari in vier eenheden een proef met stroomstootwapens. Politiemensen van basisteams in Zwolle, Amersfoort, eenheid Noord-Nederland en de hondengeleiders in de eenheid Rotterdam hebben gedurende een jaar de taser in hun uitrusting. Daarna wordt gekeken of de taser als geweldsmiddel voor de politie wordt aangeschaft. 

]]>
Elke dag weer komen politieagenten in gevaarlijke situaties terecht. Waar anderen een stap terug doen, stappen politiemensen naar voren. Desnoods met gevaar voor eigen leven. Voor de veiligheid van anderen. Soms staan ze daarbij voor grote dilemma’s. En moeten ze in luttele seconden beslissen.

]]>
Tim (33) begon in 2005 bij de Rotterdamse politie. Nu, twaalf jaar later, werkt hij als brigadier op het altijd drukke bureau Zuidplein in Rotterdam. ‘Ik werk hier nog steeds met veel plezier hoewel het ook best pittig kan zijn. Er gebeurt veel. Natuurlijk is de actie leuk en spannend maar voor mij staat mensen helpen altijd voorop.’

]]>
Tim Allewijn
Politieverhaal in beeld: De redding https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-politieverhaal-in-beeld-de-redding.html Leon Batenburg heeft een rustige dienst als de centralist hem oproept voor een reanimatie van een kindje van een jaar. Een melding die hij liever... blog Thu, 13 Jul 2017 12:00:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-politieverhaal-in-beeld-de-redding.html 2017-07-13T12:00:00Z Leon Batenburg heeft een rustige dienst als de centralist hem oproept voor een reanimatie van een kindje van een jaar. Een melding die hij liever niet zou krijgen. Hoe loopt dit af en wat doet het met hem?

 

]]>
Leon Batenburg  werkt als hoofdagent bij basisteam IJsselland in de Eenheid Rotterdam. Hij is hier 16 jaar geleden begonnen als surveillant en is nog steeds gelukkig op zijn werkplek. Naast zijn werk als hoofdagent is hij ook praktijkbegeleider, hij begeleidt de studenten binnen het basisteam.Leon: ‘Het werk als politieagent is veelzijdig, maar ook bizar. Wat wij als politieagent voor onze kiezen krijgen is niet niks. Ik heb al veel bijzondere, heftige, grappige en emotionele meldingen gehad. Bij dat soort heftige incidenten ben ik blij met mijn thuisfront; een stabiele achterban waarmee ik over alles kan praten en die mij op de been houdt bij het soms heftige werk.’

]]>
Leon Batenburg
Blog: Stap naar voren 2 https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-stap-naar-voren-2.html Elke dag weer komen politieagenten in gevaarlijke situaties terecht. Waar anderen een stap terug doen, stappen politiemensen naar voren. Desnoods met... blog Thu, 22 Jun 2017 11:33:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-stap-naar-voren-2.html 2017-06-22T11:33:00Z Elke dag weer komen politieagenten in gevaarlijke situaties terecht. Waar anderen een stap terug doen, stappen politiemensen naar voren. Desnoods met gevaar voor eigen leven. Voor de veiligheid van anderen. Soms staan ze daarbij voor grote dilemma’s. En moeten ze in luttele seconden beslissen.

]]>
Met de rug tegen de muur

Een warme zaterdagnacht in augustus. Mijn collega Iris en ik houden een oogje in het zeil bij de horecagelegenheden in Steenwijk en omliggende dorpen. Vlak na middernacht krijgen we een melding van een vechtpartij in een café. Op zich niets ongewoons, zeker niet als de temperaturen buiten flink oplopen.

We rijden ernaartoe, de meldkamer stuurt ook andere eenheden naar het café, maar het kan nog wel een kwartier duren voordat ze er zijn. Voor de kroeg staan zo’n twintig mensen. Ze stormen direct op ons af, al schreeuwend en tierend. De meesten hebben een flinke slok op. Twee mannen hebben bloed op hun hoofd en handen. Ze roepen dat ze mishandeld zijn door twee mannen die nog in de kroeg zijn.

Mijn collega en ik gaan de kroeg binnen. Er wordt nu niet meer gevochten. De twee mannen zitten in de voorraadkast. Ze zijn doodsbang en hebben zich opgesloten. Volgens de kroegbaas vielen ze enkele vrouwen lastig waarop een vechtpartij uitbrak. Daarbij gingen de stamgasten elkaar met naaldhakken, flesjes en glazen te lijf. Iris blijft bij hen, terwijl ik weer naar de ingang van de kroeg loop.

Daar kom ik twee collega’s tegen, Mike en Leo. Leo en ik blijven bij de ingang van de kroeg om alle mensen buiten te houden, zodat onze collega’s met de twee mannen in de kroeg kunnen praten. Dan wordt de sfeer grimmig. De tot zo’n vijftig personen uitgegroeide groep mensen buiten probeert met alle geweld binnen te komen. We worden tegen de muur en deur van het café gegooid. We proberen de verhitte gemoederen te sussen, een wapenstok gebruiken zou averechts kunnen werken.

Gelukkig arriveren er nog twee collega’s. Erik en Elsa stellen zich samen met ons in een halve cirkel voor de kroeg op. Een van de mannen haalt plotseling met zijn vuist naar me uit. Ik kan de klap net ontwijken als hij alweer een bierflesje naar ons smijt. De glassplinters vliegen om onze oren. Dat is voor de groep het sein voor de aanval.

Een man grijpt me bij mijn overhemd en scheurt het kapot, mijn portofoon raakt los. Iemand roept: ‘Vuile kankerlijers, laat ons naar binnen dan schop ik ze dood. Wat wil jij nu doen? Ik sla jou ook dood.’ Ik druk wanhopig op de alarmknop van mijn portofoon en roep: ‘Afstand houden, achteruit!’

Enkele mannen trekken me de groep in, Erik probeert hen tegen te houden. Hij krijgt vuistslagen op zijn oog en neus. Dan stort de dol geworden menigte zich op hem terwijl ze op hem inslaan en tegen zijn hoofd schoppen. Een andere man gooit een fiets tegen Elsa aan. Ze valt op de grond.

Collega Leo en ik delen rake klappen uit met de wapenstok. Maar de meeste raddraaiers zijn zo dronken dat ze niets voelen. Terwijl we vechten voor ons leven moeten we machteloos toezien hoe onze collega in elkaar wordt geslagen. Ik voel me afschuwelijk. Erik probeert wanhopig zijn vuurwapen te trekken. Hij kan zich niet verweren omdat een man hem in de wurggreep houdt. Ik trek mijn pepperspray en pepper zes mensen. Ik raak Eriks belager vol in het gezicht en hij laat los.

Onze collega’s uit de kroeg komen aanrennen en weten Erik te bevrijden. Dan arriveren meer collega’s. Zij drijven de menigte uit elkaar. Erik is flink toegetakeld en zit onder de wonden. Uiteindelijk worden de grootste raddraaiers aangehouden, zo ook de mannen uit de voorraadkast.

Eenmaal terug op het bureau komen de emoties los. Vooral Erik dacht dat hij het niet zou overleven. Misschien hadden we op assistentie moeten wachten, maar voor hetzelfde geld waren de mannen in de voorraadkast gelyncht. We hadden de situatie onder controle totdat de menigte zich tegen ons keerde.

Gelukkig werkte het gebruik van pepperspray. Schieten was geen optie in deze menigte. Zelfs een waarschuwingsschot was riskant. Onze portofoon was al losgerukt, dat had ook met een vuurwapen kunnen gebeuren, met alle gevolgen van dien.’

Kijk voor meer informatie op onze themapagina geweldsinzet

]]>
Blog:Onverwachte hulp https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-onverwachte-hulp.html Terwijl ik vingerafdrukken zoek en de sobere woonkamer inkijk, word ik boos. Waarom inbreken in deze kleine seniorenwoning? Het leven van de bewoner... blog Wed, 14 Jun 2017 12:00:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-onverwachte-hulp.html 2017-06-14T12:00:00Z Terwijl ik vingerafdrukken zoek en de sobere woonkamer inkijk, word ik boos. Waarom inbreken in deze kleine seniorenwoning? Het leven van de bewoner ligt al genoeg overhoop. Wat hulp is zeker welkom.

]]>
Aan het begin van de middag ben ik net klaar met het laatste sporenonderzoek. Ik ga terug naar het politiebureau om het schriftelijke werk te doen. Al rijdend op de A1 hoor ik dat de meldkamer een politiewagen naar een inbraak stuurt. Ik ben in de buurt en rijd er ook meteen heen.

Ik kom tegelijk aan bij de woning met de collega van de noodhulp. En zie dat het een seniorenwoning is. Zodra onze voertuigen zijn geparkeerd worden we hartelijk ontvangen door twee hoogbejaarde dames en een hoogbejaarde man. Zij vertellen ons dat ze familie zijn van de bewoner. Die is een aantal weken geleden opgenomen in een zorginstelling. Door zijn lichamelijke toestand was zelfstandig wonen niet meer mogelijk, ook al kreeg hij alle hulp van instanties en deze drie familieleden. Kinderen heeft de man niet, zijn echtgenote is lang geleden overleden.

De mensen laten ons de schade zien aan het raam aan de achterzijde. Binnen ligt de inhoud van kasten en laden op de vloer. Er is een badkamer, woonkamer, slaapkamer en kleine keuken. Alles sober ingericht, in de slaapkamer de weeïge geur van urine. Wij leggen de mensen uit wat wij gaan doen. De collega gaat de aangifte opnemen, ik ga sporen zoeken.

‘Je zal wel veel afdrukken van ons vinden, wij verzorgen hem en het huis’, zegt een van de dames. Ik antwoord dat ik het verschil wel zal zien. Zeker bij het raampje, waardoor de inbreker naar binnen is geklommen. ‘Tenzij u ook altijd door dat raam naar binnen klimt, dan wordt het lastiger’, zeg ik lachend. De vrouw antwoordt met een knipoog dat ze soms via het dak naar binnen gaat, maar dat ze dit raampje altijd overgeslagen heeft. En dat er helaas geen koffie meer in huis is. Ik zeg dat dat niet erg is en ga aan het werk aan de achterzijde van de woning, terwijl de collega in de keuken aan de voorzijde de aangifte opneemt met de drie familieleden. Wat een lieve mensen.

Terwijl ik vingerafdrukken zoek en de sobere woonkamer inkijk, word ik best een beetje boos op de inbreker. Waarom inbreken in deze kleine seniorenwoning? Het leven van de bewoner ligt al genoeg overhoop zonder dat er iemand naar binnen klimt en de kasten leeg trekt. En die drie lieve bejaarde familieleden die nu in de keuken zitten, hebben al genoeg zorgen om de bewoner en zo te zien ook met hun eigen gezondheid.

Ineens wordt er uit de keuken geroepen door een van de vrouwen: ‘Koude koffie is niet lekker hoor!’ Ik loop verbaasd de keuken in. En zie dat er vijf kopjes koffie zijn ingeschonken. Een van hen heeft een pak koffie opgehaald bij de buren. Want bezoek hebben en geen koffie kunnen aanbieden, dat kan echt niet bij deze mensen. Ik drink de veel te slappe koffie met de collega en de drie oudjes. Ik vertel hen dat ik fragmenten van schoensporen heb aangetroffen en een afvorming maak van de indruk in het kozijn die de schroevendraaier achterliet. En dat de inbreker handschoenen aan heeft gehad. Als ik de koffie op heb, zeg ik dat ik nog even in de woonkamer moet zijn voor verder onderzoek.

In de woonkamer loop ik voorzichtig tussen oude, vergeelde foto’s en documenten die op de vloer liggen. Trouwboekje, rouwkaarten, diploma’s, brieven en vakantiesouvenirs. Het leven van de oude man ligt letterlijk op de vloer.
 Als ik daar net klaar ben met het onderzoek en mijn sporenkoffer sluit, wordt er wederom uit de keuken geroepen dat er koffie is. Oh nee, niet nog zo’n slappe bak… Maar weigeren is geen optie. Ik ga weer aan tafel zitten en drink braaf mijn koffie op. En vertel dat ik klaar ben met het onderzoek en dat ze alle goederen weer in de kasten mogen leggen.

Dan zegt de man dat ze naar de woning waren gekomen om de kasten leeg te halen, omdat de bewoner nooit meer thuis zal kunnen komen.

De kasten zijn nu al leeg. Wat hulp voor deze mensen was zeker welkom. Maar deze onverwachte ‘hulp’ had achterwege mogen blijven.

]]>
Henrieke Schoonekamp werkt sinds 2001 bij de politie. In 2007 begon ze bij het Team Forensische Opsporing in de Eenheid Oost Nederland. 

Henrieke: ‘Als forensisch medewerker krijg ik te maken met allerlei delicten, van inbraak tot moord en doodslag. Goed sporenonderzoek draagt er aan bij dat een misdrijf wordt opgelost en de juiste dader gestraft wordt. Ik besloot mijn ervaringen op te schrijven, omdat ik vaak in heel bijzondere, heftige, leuke en ontroerende situaties terecht kom. En om mensen een inkijkje bij Forensische Opsporing te geven! Sinds kort mag ik mijn verhalen ook voor de camera vertellen.’

Naast haar werk bij de politie werkt Henrieke af en toe een paar weken als vrijwilliger bij een kindertehuis in het buitenland.

]]>
Henrieke Schoonenekamp