Landelijke feed | Alle blogs | politie.nl https://rss.politie.nl/rss/algemeen/blogs/blogs.xml Alle meest recente blogs nl Sun, 03 Jul 2022 22:46:17 GMT 2022-07-03T22:46:17Z nl Blog: Geraas https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-geraas.html ‘Hmmm, vaag,’ bromt mijn collega terwijl hij de VW Transporter door de lege straten stuurt. Het is een rustige nachtdienst en zojuist hebben we een... blog Wed, 29 Jun 2022 14:30:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-geraas.html 2022-06-29T14:30:00Z ‘Hmmm, vaag,’ bromt mijn collega terwijl hij de VW Transporter door de lege straten stuurt. Het is een rustige nachtdienst en zojuist hebben we een melding gekregen van een mevrouw die niet kan slapen door een hard geruis buiten op straat. Ik grinnik als het adres in het navigatiesysteem zie verschijnen. ‘Ja tuuuuurlijk, vlakbij de RUYSlaan. Zal wel een studentengrap zijn…’

En inderdaad, als we op de plaats van bestemming zijn, is het doodstil op straat. Niets te zien, niets te horen. We halen onze schouders op, maar lopen voor de zekerheid toch even langs het adres. Dan, net als we midden in de straat zijn, barst er ineens een donderend geraas los. Keihard, alsof er een helikopter boven ons hoofd hangt. We staan als aan de grond genageld en kijken elkaar met grote ogen aan. Want nergens is een helikopter te zien. Het klinkt alsof er een storm woedt, maar wij voelen geen zuchtje wind… What the heck…?!

Als ik de eerste schrik te boven ben, merk ik dat het geluid niet van boven komt. ‘Het zijn de straatkolken (de afvoer van regenwater naar het riool)!’ roep ik naar mijn collega. Hij staart naar zijn schoenen, die precies naast een putdeksel staan. ‘Pas op, misschien is het een sinkhole!’ schreeuwt hij. We gaan met onze ruggen strak tegen de portiekgevels staan en verplaatsen ons zijwaarts naar het eind van de straat, terwijl we iedere put en straatkolk nauwlettend in de gaten houden. Het geluid is oorverdovend, we kunnen elkaar niet verstaan.

Ineens blijft mijn collega stokstijf staan. Als ik naar het pleintje aan het eind van de straat kijk, snap ik waarom. In het donker is te zien dat er een laag dichte nevel over het pleintje hangt, de takken van de bomen zwiepen heftig heen en weer, plastic zakjes flapperen door de lucht alsof het stormt. Maar waar wij staan, op zo’n vijftig meter afstand, is het helder en windstil. Ik geloof mijn ogen niet. Het lijkt op een scene uit een slechte griezelfilm.

Maar je moet toch wat, dus besluiten we uiteindelijk te gaan kijken. En dan is vrij snel duidelijk wat er aan de hand is. Het geluid, de wind en de nevel komen uit een rooster op het pleintje, dat precies boven de metrotunnel ligt. Het geluid stopt - gelukkig… Ik vraag de meldkamer of er bij de RET, het Rotterdamse vervoersbedrijf, iets bekend is over werkzaamheden in de metrotunnel. Even later wordt dat bevestigd: ze zijn daar bezig met het testen van het ventilatiesysteem. Ahhh… oke!

Helemaal ‘cool’ koppelen we dat terug aan de meldster. We raden haar aan om oordopjes in te doen zodat ze rustig kan gaan slapen. En wij? Wij zijn toe aan een bak sterke koffie…

]]>
Blog: Humor https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-humor.html Het is zondagochtend vroeg als mijn collega’s en ik teruglopen naar het politiebureau vanuit het centrum van een grote stad. Het is stil, doodstil.... blog Wed, 22 Jun 2022 14:30:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-humor.html 2022-06-22T14:30:00Z Het is zondagochtend vroeg als mijn collega’s en ik teruglopen naar het politiebureau vanuit het centrum van een grote stad. Het is stil, doodstil.

Wij hebben die nacht met zijn achten een horecadienst gehad waarbij we te maken kregen met behoorlijk wat geweld. Geweld in het uitgaansgebied tussen bezoekers, maar ook geweld naar ons toe.

Nadat ongeveer rond 05:30 uur de laatste mensen het centrum uitlopen en de veegwagens van de gemeente hun ronde doen, wandelen wij terug. Wij lopen letterlijk met krassen, bulten en blauwe plekken naar het politiebureau om onze administratie af te ronden en vervolgens naar huis te gaan. De sfeer is bedrukt en er wordt niet gesproken. Het is een wandeling van ongeveer 8 minuten, maar pfff wat een nacht. We zijn gesloopt.

Een aantal meters voor mij zie ik wat afval op de grond liggen, waaronder een papieren zak van de lokale patatboer met daarnaast een rond plastic bakje met saus erin. De collega die voor mij loopt ziet dat ook en reageert erop.  Ik zie dat hij iets in pas versnelt en met zijn been een beweging omhoog maakt. Voordat ik iets kan zeggen zie ik het been van de collega naar beneden schieten en recht op het sausbakje landen. Spletsj! Het bakje valt uit elkaar en de saus spuit recht omhoog over de voorkant van het uniform van mijn collega.

Beduusd kijkt hij onze kant op, en met de saus aan zijn kin roept hij luid: ‘Dit kan er potverdorie ook nog wel bij!’ Het duurt precies een seconde voor de tranen bij ons over de wangen lopen. Ik kan bijna niet stoppen met lachen.

Terug op het politiebureau helpen wij de collega met het verwijderen van de knoflooksaus, en in een ontspannen sfeer tikken wij onze rapportages. Daarbij schieten we aldoor weer in de lach. Het klinkt misschien wat vreemd, maar dit hadden wij na een nacht vol geweld en ellende echt even nodig.

Humor is toch echt het beste medicijn…

]]>
Blog: Briljant https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-briljant.html Als wijkagent vind ik dagelijks de aangiftes van ‘inbraak uit auto’ in mijn dagrapport. Het inbrekersgilde heeft het meestal voorzien op de Duitse... blog Wed, 15 Jun 2022 14:30:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-briljant.html 2022-06-15T14:30:00Z Als wijkagent vind ik dagelijks de aangiftes van ‘inbraak uit auto’ in mijn dagrapport. Het inbrekersgilde heeft het meestal voorzien op de Duitse automerken waaruit , in de nachtelijke uren, de navigatie, het stuurof de boordcomputer wordt gestolen.

Zo vind ik op een dag een aangifte van wijkbewoner Martin. Ik lees dat de “ingewanden van zijn BMW” zijn gestolen. In het weekeinde daarop surveilleer ik door de wijk en zie ik dat Martin in zijn voortuin bezig is. Ik parkeer de politieauto, stap op Martin af en toon medeleven met het verlies van onderdelen van zijn dierbare object.

“He Bart, loop even mee naar binnen, dan zal ik je iets laten zien”, zo begint Martin.

Samen lopen we naar zijn laptop die op de tafel in de woonkamer staat. Hij klapt de laptop open en drukt op het driehoekje dat op het beeldscherm verschijnt. Een YouTube filmpje wordt gestart.

“Kijk” zegt Martin. “Dit is wat mijn bewakingscamera aan de voorgevel van mijn woning heeft opgenomen.” Aandachtig bekijken we het filmpje. ‘s Nachts om 03.00 uur liep een man de oprit van Martin op, opende het portier van zijn BMW en ging achter het stuur zitten. Na twee minuten verliet hij de auto en verdween van het terrein.

Zo’n 25 minuten later kwam dezelfde man terug. Hij had een rugzak bij zich. Hij nam weer plaats in de BMW van Martin en bleef daar ongeveer 20 minuten zitten. Toen de man de BMW verliet, zag de rugzak er gevuld uit. Toen Martin die ochtend bij zijn auto kwam, bleek het stuur en de boardcomputer te zijn verdwenen. Martin was “stuurloos” geworden.

De auto van Martin staat inmiddels bij de garage en ik vertel dat hij mogelijk een zogenaamde ‘donorauto’ heeft. Het apparatuur van de BMW wordt nu vervangen maar het inbrekersgilde weet dat en na een paar maanden komen ze weer terug, zo wist ik uit ervaring.

Er was iets vreemds aan de hand. Normaliter branden de knipperlichten als de auto van het alarm wordt gehaald, maar volgens de bewakingscamera’s waren de knipperlichten niet gaan branden. Dat was vreemd en Martin vermoedt dat het alarm was omzeild, mogelijk was de BMW met een computer gehackt.

Een paar weken later word ik weer door Martin gewenkt tijdens mijn surveillance.

“Bart, ik heb iets briljants bedacht”, zo begint Martin. “Ik heb een bewegingssensor van mijn woning in de auto gelegd. Zodra het woningalarm er ‘s nachts op gaat, staat ook de BMW onder hetzelfde alarm. Als er weer in mijn auto wordt ingebroken, gaat het huisalarm af en word ik geattendeerd op onraad. Dit zou een inbraak in mijn auto moeten voorkomen en……”, zo ging Martin verder, “ik heb een geintje uitgehaald. Ik heb de sproei-installatie van de oprit op het alarm gezet. Zodra het alarm afgaat, gaan de sproeiers op volle kracht water sproeien. Mocht het gebeuren dat er weer wordt ingebroken in mijn auto, dan bel ik 112 en dan moeten jouw collega’s zoeken naar een persoon waarvan het lijkt of die met z’n kleren aan onder de douche heeft gestaan.”

Een paar maanden later, op een droge zomernacht, wordt een man aangehouden. Het lijkt wel of hij in de regen had gestaan. Hij heeft alleen een lege rugzak bij zich. Bij een onderzoek in zijn woning wordt een grote hoeveelheid auto-onderdelen aangetroffen.

Martin, briljant, bedankt voor de tip.

]]>
Blog: Politie in het oor https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-politie-in-het-oor.html De vrouw aan de andere kant van de lijn klinkt jong. Misschien een student. In ieder geval kan ze de feestgeluiden van het studentenhuis naast haar... blog Wed, 08 Jun 2022 14:30:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-politie-in-het-oor.html 2022-06-08T14:30:00Z De vrouw aan de andere kant van de lijn klinkt jong. Misschien een student. In ieder geval kan ze de feestgeluiden van het studentenhuis naast haar goed horen.  De vrouw durft de jongeren niet zelf aan te spreken op hun gedrag. Aan de telefoon kinkt ze erg kwetsbaar. Verlegen verontschuldigt ze zich dat ze ons, de politie, hier in de nacht mee lastigvalt. Dat is natuurlijk niet nodig.

Ik vraag of er iemand bij haar is. Nee, ze is alleen. Ik leg uit dat het soms beter is om de mensen eerst zelf aan te spreken op hun gedrag in plaats van meteen de politie te sturen. Dat verbetert de sfeer tussen buren meestal niet. “Ja, maar ik durf het niet”, zegt ze bijna snikkend. Wat nou als de jongens opeens agressief naar me worden?”

 “Dat begrijp ik”. Misschien begrijpen ze jou wel en hadden ze niet door dat je er last van had.”

Ik doe een voorstel. Ik blijf aan de lijn terwijl zij bij de buren aanbelt. “Ik blijf bij je en als het misgaat, is de hulp snel geregeld”. De vrouw twijfelt even, maar uiteindelijk is ze overtuigd.

“Ik ga aanbellen”, zegt ze met een trillerige stem. “Ik blijf bij je”, beloof ik.

De vrouw brengt een live verslag uit van haar handelingen. “Ik doe nu mijn voordeur open”, laat ze weten. “Da’s een begin”, antwoord ik. “Ik loop over de galerij”, vervolgt ze.

“Oké’, zeg ik bemoedigend. Ik wil dat de vrouw constant mijn stem hoort zodat ze zich gesteund voelt in haar avontuur. “Ik sta bij de buren voor de deur”.

“Ik bel nu aan”.

Dan hoor ik in de verte het geluid van een bel. Het is even stil.

Er gaat een deur open en ik hoor meteen harde muziek. “En als jullie nu niet heel snel die muziek uitzetten @#!@#%, dan sta ik niet meer voor mezelf in! Ik heb de politie aan de lijn en als het niet stopt dat stuur ik ze naar jullie toe!"

De stem van de vrouw galmt door de ruimte. Ik hap naar adem. Dit had ik niet verwacht. Ze klinkt compleet anders dan de bibberige vrouw die ik drie seconden geleden nog aan de lijn had.

Dan hoor ik een mannenstem. “Oh sorry mevrouw. Ik wist niet dat u last van ons had. We zullen de muziek zachter zetten.” De deur gaat dicht. De vrouw gaat terug naar haar eigen appartement.

“Ik geloof dat ze het begrepen hebben”, zegt ze. De bibber is weer terug in haar stem. Ik zeg dat ze trots op zichzelf mag zijn en spreek af dat als de overlast weer terugkomt, ze ons altijd mag bellen. In ieder geval hoeven we er nu geen auto naartoe te sturen.

De vrouw voelde zich oprecht gesterkt door de politie in haar oor.

]]>
Blog: De pleegdochter https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-de-pleegdochter.html Wanhopig geschreeuw is het eerste wat ik hoor als ik mijn ochtenddienst begin. Een vrouwelijke arrestant in het dagverblijf, een bekende van ons,... blog Wed, 01 Jun 2022 14:30:00 GMT https://www.politie.nl/blogs/00-korpsmedia/blog-de-pleegdochter.html 2022-06-01T14:30:00Z Wanhopig geschreeuw is het eerste wat ik hoor als ik mijn ochtenddienst begin. Een vrouwelijke arrestant in het dagverblijf, een bekende van ons, zoekt luidkeels contact met mij.

Haar dochter zit nog in haar woning. Die moet naar school. Ik heb begrepen dat de vrouw niet zomaar bij ons is en voorlopig nog niet weg mag. Als chef van dienst ben ik verantwoordelijk voor de ingesloten vrouw en ik maak een afspraak met haar. Ik ga naar haar huis om te kijken of alles goed gaat met het meisje.

Ik verwonder mij enorm. De vrouw heeft zelf geen huissleutel. Echt waar? Van mijn collega’s heb ik al vroeg één ding geleerd. Als je de zaak niet vertrouwt, stel je eerst een kind in veiligheid.

Ik ga naar de woning en bel aan. Geen gehoor. Ik sta voor de deur van de woning, bel en klop. Ik hoor gestommel, ik klop iets harder en maak mijzelf kenbaar als politie.

Dan gaat de deur open. Er verschijnt een oude man met een onverzorgd uiterlijk met alleen een vieze ouderwetse onderbroek aan. Mijn alarmbellen gaan allemaal rinkelen. Waar is het kind? Dan komt er een klein meisje met een guitig gezichtje, in pyjama, vanachter de man tevoorschijn. ‘Dag politie’, zegt ze. Het lijkt alsof de man nu pas beseft dat er een geüniformeerde politieman voor hem staat. Ik legitimeer mij overduidelijk en zeg hem dat ik kom kijken of alles goed is met het meisje. De man stapt opzij en verdwijnt in de woning. Ik zeg tegen het meisje dat het schooltijd is. Dat ze zich moet aankleden. Gelukkig stuurt ze me de slaapkamer uit als ze zich moet omkleden. Dat weet ze in ieder geval.

Ondertussen bel ik met de jeugd- en zedenspecialisten. Zij adviseren  om het meisje eerst naar school te brengen, zodat de normale routine door blijft gaan. Daar moet ze blijven, zodat wij de mensen van jeugdzorg in kunnen schakelen.

Ik wil brood voor haar maken, maar ik word misselijk als ik zie wat voor een troep het is in de keuken. De man wil zich nergens mee bemoeien. Dan staat het meisje weer aangekleed voor mij. ‘Ga jij mij brengen?’ vraagt ze. Geen moment vraagt ze naar haar moeder. Met de herkenbare politieauto gaan wij naar school. Ik leg daar de situatie uit en krijg de garantie dat ze aan niemand anders wordt meegegeven. Brood wordt geregeld vanuit school. Ik krijg een handje van haar, als ze met haar juf wegloopt.

Uiteindelijk blijkt de situatie in de woning onhoudbaar te zijn voor een kind van 9 jaar. In het vervolgonderzoek tref ik op het adres een drugsdealer aan die zijn drugs aan het versnijden is op de eettafel. Het meisje moet uit huis geplaatst worden. De mevrouw van jeugdzorg geeft aan dat er een tekort is aan opvangadressen. Ze geeft mij de keuze om het meisje zelf mee naar huis te nemen. Ik durf dit niet aan, mijn vrouw en ik werken allebei. Hoe kun je dan zo’n klein kind goed opvangen? Ik voel mij laf. Het meisje heeft nog een nacht thuis geslapen en is toen geplaatst bij familie ver van de stad.

Vele jaren later komt de moeder van het meisje op straat naar mij toe. Ze vertelt dat het heel goed gaat met haar dochter. Dat ze haar kind bij de pleegouders mag bezoeken. Ze is wel uit de ouderlijke macht ontzet. Haar dochter heeft het nog vaak over die politieagent die haar had weggehaald uit huis. Dat ze met de politieauto naar school was gebracht. ‘Je bent haar redder’, zegt de vrouw. Ik voel dat niet zo. Dat guitige koppie had ook mijn pleegdochter kunnen zijn…..

Vandaag  is de 'Internationale Dag van het Kind' .Kinderdag  is een feestdag die in verschillende landen op 1 juni wordt gehouden.

]]>